Bart van Groningen van Jokey Group: PPWR: goed plan, slecht in details

PPWR: goed plan, slecht in details

Deze maand geeft Bart van Groningen, area sales manager bij de Jokey Group, invulling aan de maandelijkse column Ingewikkeld in VerpakkingsManagement. Hij bespreekt de Europese Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR): een ambitieus plan dat op papier duidelijk oogt, maar in de praktische uitwerking volgens hem knelt - in het bijzonder voor de levensmiddelenindustrie.

<Foto: AI gegenereerd>

Op papier is de Europese Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR) helder geformuleerd: minder afval, meer circulariteit en verplicht gerecyclede content in verpakkingen. In de praktijk voelt het soms echter alsof alle kunststoffen op één hoop worden gegooid. Dat pakt met name voor de levensmiddelenindustrie ongunstig uit.
Europa wil meer recyclaat inzetten dan er op dit moment beschikbaar is en bovendien op toepassingen waar het niet altijd noodzakelijk is. Neem polypropyleen (PP). In Europa is de recyclingcapaciteit de afgelopen jaren juist afgenomen, terwijl de spuitgietindustrie kampt met een hogere vraag dan aanbod. Studies van Plastic Recyclers Europe en Deloitte laten zien dat slechts 20 tot 40% van het benodigde recyclaat kan worden geproduceerd. Daarbij wordt er bovendien van uitgegaan dat andere sectoren, zoals automotive en bouw, niet uit dezelfde bron gaan putten.

'Mass balance lijkt nu het meest werkbare antwoord'

Op dit moment is er nauwelijks voldoende materiaal om aan de vraag van denon-foodindustrie te voldoen. Daar komt straks de levensmiddelenindustrie nog bij. Voor harde PP-verpakkingen heeft deze sector momenteel maar een beperkt aantal mogelijkheden om gerecycled materiaal toe te passen. Chemisch gerecycled materiaal op basis van pyrolyse heeft bijvoorbeeld een CO2-balans die ongunstiger is dan die van virgin materiaal. Bij chemische recycling via dissolutie bestaan twijfels over de levensmiddelengeschiktheid door het gebruik van  chemicaliën. Closed-loopsystemen voor levensmiddelenverpakkingen zijn nog niet goedgekeurd door EFSA en daarnaast bestaan er vragen over de CO2-impact als gevolg van retourstromen.
Een andere optie is het mass balance-certificatensysteem, waarbij de keten als geheel aantoont dat een bepaalde hoeveelheid gerecycled materiaal is ingezet, zonder dat elke individuele verpakking het doelpercentage hoeft te bevatten.
Mass balance lijkt op dit moment het meest werkbare antwoord. Deze aanpak kan nu al worden toegepast en dat gebeurt ook binnen de levensmiddelenindustrie. Verschillende verpakkingsproducenten zijn hiervoor gecertificeerd door instanties als ISCC of vergelijkbare organisaties. Wat nog ontbreekt, is duidelijkheid vanuit Brussel over de eisen en spelregels voor de mass balance-administratie.
Food- en non-foodindustrie kunnen elkaar op deze manier ondersteunen. Dat biedt perspectief op een daadwerkelijk duurzame en circulaire oplossing die rekening houdt met milieu, mens en maatschappij. Daarvoor is wel nodig dat Brussel tempo maakt en duidelijkheid biedt, zodat bedrijven in staat worden gesteld om in de praktijk het juiste te Bart van Groningendoen.

Ingewikkeld_VM1_26_handtekening_Bart_van_Groningen

 

Meer artikelen

recent new image
PPWR: goed plan, slecht...

Deze maand geeft Bart van Groningen,...

Lees meer
recent new image
Wetenschappelijk verpakt:...

Roland ten Klooster is...

Lees meer
recent new image
DesignVisie: Design aan...

In de rubriek DesignVisie bespreekt...

Lees meer
recent new image
'Theeverpakkingen onder...

De manier waarop theemerken waarde...

Lees meer
Image-Jul-30-2024-06-11-03-7865-AM

VM nieuwsbrief

  • Blijf op de hoogte met het laatste nieuws uit de verpakkingsindustrie
  • Techniek, duurzaamheid, design en meer
  • Gratis in jouw inbox