‘De jeugd wil dit’, ‘het voorziet in een behoefte‘, ‘dit is convenience‘, ‘er is veel vraag naar‘, ‘in Azië is het ware hype ‘. Dit zijn de argumenten waarmee category managers de keuze voor dit product rechtvaardigen. Het brengt omzet en het brengt winst. Het brengt loop in de zaak en de aanschaf van dat bekertje met ijsblokjes wordt vaak gecombineerd met de aankoop van een blikje of flesje fris. Dat is een extra aanslag op de kassa.
Vanuit marketing point of view is het een prachtig verhaal. Maar laten we nu eens even de kant van ons milieu, de schaarste aan grondstoffen, de energie die het kost om dit product te maken, te verpakken, te transporteren en op te slaan onder de loep nemen. Rechtvaardigt dit alles de aanwezigheid van dit item in het winkelschap? Is de milieubelasting van dit concept grondig doorgerekend?
Er zit géén statiegeld op de bekers. Intussen is er met dit item dus weer een nieuwe vorm van zwerfvuil bijgekomen. Dirk Groot, onze nationale Zwerfinator, mag er een nog grotere bolderkar voor aanschaffen.
Waar is de sustainability director? Waar is de packaging development specialist in de supermarktketen, die continu knokt om verpakkingen te simplificeren en afval te reduceren? Die elk product tegen het licht houdt en de carbon foot print tot drie cijfers achter de komma nauwkeurig berekent, die nu opstaat? Die zich werkelijk hard maakt voor zijn of haar taak en opdracht? Die verder kijkt dan zijn of haar neus lang is?
Die de moed heeft, de ruggengraat, de ballen, het lef, het verantwoordelijkheidsgevoel om dit product ter discussie te stellen. Die met de vuist op tafel slaat en helder en duidelijk maakt dat je als supermarktketen medeverantwoordelijkheid draagt voor onze leefomgeving, het milieu, de natuur, de toekomst van onze aarde.
Die eist dat dit feitelijk overbodige product uit het winkelschap verdwijnt?
Sjors Selger